Door: Martijn Paehlig
Tour
11

Uit Golfers Magazine: Altijd weer Tiger

In Golfers Magazine 1 stond een groot profiel over de terugkeer van Tiger Woods. Hoe dachten we aan het begin van het jaar over de zoveelste come-back en zijn kansen?

Opnieuw maakt Tiger Woods zijn comeback na een lange afwezigheid, en opnieuw zijn de verwachtingen hooggespannen. De vraag hoe reëel dat is, is gerechtvaardigd. Is het tijdperk Tiger voorbij of gaat juist nu de extra tijd in? Een analyse over zijn kansen, belemmeringen, heden en verleden.

Het lijkt een rare gedachte, maar feit is dat door alle blessures en schandalen die de voormalig nummer 1 van de wereld het afgelopen decennium teisterden, er inmiddels een hele generatie jonge golfers is opgegroeid voor wie de veertienvoudig Majorwinnaar vooral een naam uit het verleden is. Een speler waar ze hun teaching pro of hun vader vol vuur over vertellen, maar die ze zelf maar weinig in actie hebben gezien. De meesten herinneren zich nog wel het laatste jaar dat Woods het veld meer dan eens zijn wil oplegde (2013) maar de echte hoogtijdagen liggen behoorlijk ver achter ons. Om over zijn 'Well, I guess, hello world' van 21 jaar geleden nog maar te zwijgen. De nieuwste generatie vraagt nog net niet 'wie die hele Tiger dan wel niet is', maar hun helden zijn Rory McIlroy, Jordan Spieth, Justin Thomas of Dustin Johnson.

En toch ontkomen ook zij niet aan de reuring die ontstaat als Tiger Woods zijn entree maakt of zijn zoveelste rentree maakt. Waar Tiger verschijnt, gebeurt iets. Bij de pers, het publiek, de fans, zijn collega's, bij iedereen. Zoals de Amerikaanse schrijver Jason Sobel het ooit zei: 'Tiger doesn't make the needle move, he ís the needle'.

Kijk als voorbeeld maar naar de kijkcijfers van de Hero World Challenge. Bij het toernooi waar hij begin december zijn rentree keek veertig procent meer mensen naar de tv dan in 2015, het jaar waarin hij door blessureleed niet meedeed. En wat geldt voor zijn eigen toernooi, geldt net zo goed voor andere wedstrijden waar hij aan de start verschijnt. Zelfs Majors, toch wat anders dan een invitatietoernooi met minder dan twintig spelers, trekken substantieel meer kijkers met Woods in het veld, dan zonder.

Andere wereld

Die enorme aantrekkingskracht komt natuurlijk niet uit de lucht vallen. Sinds de entree van Woods op het professionele toneel leverde hij, zeker de eerste jaren, nagenoeg onafgebroken topprestaties en was spektakel vrijwel gegarandeerd.

Een kleine, en allerminst complete, opsomming.

Van 1996 tot en met 2009 won hij elk jaar – dat is dus veertien seizoenen op rij – minstens één toernooi. Elf van die seizoenen waren het er zelfs minstens vier.

Al zijn veertien Majors won hij in een periode van elf jaar, van 1997 (The Masters) tot 2008 (U.S.Open). 2000 was zijn beste jaar met zeges in drie van de vier Majors (U.S. Open, The Open, PGA Championship) waarna hij in 2001 ook The Masters won en daarmee de Tiger Slam – al sprak hij zelf alsnog over de Grand Slam omdat 'alle vier de Majorprijzen tegelijk op mijn schoorsteen staan'.

Na 2008 won hij geen Majors meer en droogden ook de reguliere overwinningen langzaam op. Toch waren er uitschieters. Zo won hij in 2009 maar liefst zes wedstrijden, was hij in 2012 drie keer de beste, en in 2013 nog eens vijf keer, maar daartussenin en vooral daarna viel Woods om tal van redenen stil en bleef hij op de PGA Tour steken op 79 overwinningen. Natuurlijk is dat 'blijven steken' uiterst relatief. Slechte één speler behaalde in zijn loopbaan meer zeges en de achterstand op recordhouder Sam Snead bedraagt slechts drie toernooien. Dat is te overzien en een fitte Tiger Woods kan dat gat gemakkelijk overbruggen, zou je denken. Alleen, er is wel degelijk iets veranderd sinds de tijd dat Woods de golfwereld domineerde. Hij is zelf veranderd en de wereld om hem heen is ook niet stil blijven staan.

Woods staat vooralsnog op 79 zeges. Worden het er 80?

Leeftijd

Tiger Woods – het lot van ons allemaal – is ouder geworden. 42 is hij inmiddels. Niet alleen gaan dan de jaren tellen, de statistieken beginnen ook in zijn nadeel te spreken. Hoewel hij zelf nog altijd kansen ziet het record van Nicklaus uit de boeken te spelen, is het in ruim een eeuw Majors maar één speler gelukt om na zijn veertigste meer dan één Major te winnen. Julius Boros boekte twee overwinningen in de jaren zestig van de vorige eeuw, maar aan twee zeges heeft Woods niet genoeg om ook 'het' record op zijn naam te zetten.

Vóór voortzetting van de jacht op achttien Majors pleit dat van de laatste 28 Majors er vier (14,3%) werden gewonnen door veertigplussers (Stenson, Mickelson, Els en Clarke). Tiger heeft dus nog een kans, zou je denken, maar tegen pleit dat ze allemaal The Open wonnen en andere Majors zo goed als onhaalbaar zijn voor mannen op leeftijd. De enige veertigplusser die deze eeuw een ander Major op zijn naam schreef was Vijay Singh, die precies veertig was toen hij in 2004 het PGA Championship won op Whistling Straits.

Het recordaantal zeges op de PGA Tour breken lijkt meer binnen bereik. Tal van spelers wonnen na hun veertigste meer dan één reguliere wedstrijd. Iemand als Miguel-Angel Jiménez boekte de meeste van zijn 21 overwinningen zelfs ná het bereiken van die leeftijd (14), terwijl Vijay Singh als veertigplusser zelfs 22 zeges boekte.

Fysiek

Als Tiger íets heeft veranderd in golf op het hoogste niveau – en misschien zelfs wel op alle niveaus – is het wel dat golf veel meer 'sport' is dan voorheen. Vóór Woods waren er natuurlijk genoeg fitte golfers, maar er waren ook heel wat topspelers met fors overgewicht, die niet bepaald als een sportman oogden. En wat bijna niemand deed, was zoveel tijd besteden aan fitness als Tiger.

Vergelijk de foto's van de 21-jarige Woods met die van de Woods van een half decennium later en het verschil in spieromvang is schokkend. Hij sierde zelfs een keer de cover van Men's Fitness (al zou hij daarin slechts toegestemd hebben om zijn vreemdgaan uit de bladen te houden) met een akelig afgetraind lichaam.

Hij bracht zóveel tijd hardlopend en trainend met gewichten door dat menigeen sprak over een verslaving. Een verslaving – en een sportintensiteit – die er mede aan heeft bijgedragen dat zijn lichaam al jaren tegensputtert. Woods werd inmiddels veertien (!) keer geopereerd omdat een kwetsuur dat noodzakelijk maakte. De eerste keer was al in 1995 toen hij wat littekenweefsel uit zijn knie liet verwijderen, de (vooralsnog...) laatste keer begin 2017, toen hij twee ruggenwervels aan elkaar moest laten zetten. Tussendoor ging hij onder het mes voor zijn rug, zijn knie, zijn achillespees en had hij een aantal lichtere blessures aan arm en nek.

De laatste ingreep die hij moest ondergaan was dermate zwaar dat hij een jaar uit de roulatie was, en nog maar enkele maanden geleden erkende hij er rekening mee te houden dat hij misschien wel nooit meer zou kunnen golfen. Dat bleek gelukkig mee te vallen, maar niemand – ook Woods zelf niet – weet hoeveel golf het lichaam, waar hij zoveel van vroeg, nog in zich heeft.

Is Woods definitief pijnvrij?

Mentaal

Woods was in zijn toptijd bepaald geen lachebekje. In elk geval in het gezelschap van zijn collega's op de baan, enkele uitzonderingen daargelaten.

Om zijn tegenstanders – zo zag hij ze immers altijd – op hun knieën te krijgen, toonde hij nimmer genade. Vraag het Stephen Ames, die het in 2006 bestond om bij het Match Play Championship te zeggen dat 'Tiger in deze vorm te pakken is'... waarna hij er met met 9&8 afging. 'Ja', Tiger had de uitspraken gezien. 'Ja', het had hem gemotiveerd. En 'nee', meer woorden wilde hij er niet aan vuil maken. Maar de boodschap was zonneklaar. Wie Woods boos maakte kon op een strafexercitie rekenen. Uitdagende woorden – of aldus ervaren uitspraken – werkten als brandstof om nóg meer uit zichzelf te halen.

Om te presteren op het niveau waarop hij presteerde was er geen ruimte voor een ontspannen Tiger. De focus moest er altijd zijn had zijn vader hem immers geleerd. Hij kon zich vreselijk laten gaan – een flinke vloek, een harde klap met zijn club op de grond – maar bovenal was Woods mentaal ijzersterk, een gevolg van enerzijds de training van 'Pops', die hem als klein kind al probeerde uit zijn spel te halen, en anderzijds de Thaise invloeden van zijn moeder.

Met alles wat Woods de afgelopen tien jaar overkwam – de blessures, de affaires, de verslavingen – brokkelde de muur die hij om zichzelf had opgetrokken echter meer en meer af. Tiger Woods leek lang onoverwinnelijk, maar bleek uiteindelijk een feilbaar mens. En dus lijkt behalve de fysieke ook de mentale voorsprong die hij had op de rest van het veld, voorgoed verdwenen.

Concurrentie

Het is opvallend hoe enthousiast de rest van het veld is over de terugkeer van Woods. Het is nog net niet zo dat ze een erehaag voor hem vormen, maar ze juichen zijn rentree vrijwel zonder uitzondering toe. Om wat hij voor de sport heeft betekend. Om wat hij nog voor de sport betekent. Omdat ze graag nog eens de strijd met hem aangaan. Om de aandacht die hij genereert. Omdat hij zo'n aardige gast is... Zo zei Rickie Fowler onlangs: 'Hij is een echte golfgek, zoals de meesten van ons, en het is mooi om hem erbij te hebben. Er gebeurt wat als hij er is.' En Justin Thomas: 'Ik heb nooit tegen Tiger op zijn best mogen spelen, maar wie wil het niet tegen hem opnemen? Ik bedoel, tegen hem stond ik zogenaamd te putten toen ik een jaar of zes was. Het lijkt me geweldig om die uitdaging in het echt aan te gaan.'

Het klinkt allemaal heel attent, maar het laat tegelijkertijd zien dat de overweldigend intimiderende uitstraling die hij had verdwenen is, of in elk geval sterk afgenomen. De huidige generatie topspelers heeft respect voor hem, maar echt onder de indruk zijn ze niet. En waarom zouden ze ook? Zij zijn jong, superfit en in de kracht van hun leven, Woods is de man op leeftijd die ze hooguit dulden op de apenrots die zij in zijn afwezigheid opnieuw in hebben gericht. Niemand zal echter zomaar opzij stappen. Als hij weer een plekje wil krijgen op die rots zal hij daar hard voor moeten werken. Harder misschien wel dan hij ooit heeft gedaan.

Spel

Ontegenzeggelijk is het spel veranderd de afgelopen twintig jaar. In 2000 waren Tigers drives gemiddeld 273 meter lang, een afstand waarmee hij de een na langste van het circuit was. Dezelfde lengte zou hem in 2017 niet meer dan de 65ste plaats op diezelfde ranglijst op hebben geleverd. Tiger overpowerde banen, die om die reden 'Tigerproof' moesten worden gemaakt. Maar... inmiddels slaat de concurrentie net zo ver. En hoewel hij bij zijn rentree indrukwekkende afstanden liet zien, kan hij dus niet meer leunen op lengte alleen.

Maar dat is niet het enige. De paar wedstrijden die hij de afgelopen jaren speelde, lieten bij tijd en wijle ook een heel kwetsbare Woods zien. Kon hij in het verleden vanuit de meest onmogelijke ligging nog up-and-down maken, zijn chippen in de laatste toernooien deed pijn aan de ogen en voelde uiterst ongemakkelijk. Hetzelfde geldt voor zijn spel op de greens. Of het nu lange of korte putts waren: Woods leek jarenlang alles te maken. Onmogelijk lange putts om toernooien te winnen of zakelijke korte putts die hij eigenlijk nooit miste. Zo had hij in de periode 2002 tot en met 2005 maar liefst 1540 putts van minder dan een meter en miste hij er daarvan maar drie...

Dat alles is verleden tijd, maar Woods zou Woods niet zijn als hij niet zou blijven werken aan zijn spel. Meer dan eens veranderde hij van swing en swingcoach. Ook nu nog: eind december nam hij afscheid van Chris Como en kondigde hij aan vooralsnog zelf verder te gaan 'om mijn lichaam en golfswing opnieuw te leren kennen'.

Verwachtingen

Waar Tiger Woods verschijnt gebeurt er iets. Die conclusie werd al eerder getrokken. Maar waar Tiger Woods verschijnt, gebeurt ook wat met de verwachtingen. Mag een gemiddelde speler nog rustig terugkomen na een blessure, bij de man die 683 weken de wereldranglijst aanvoerde, ligt de lat direct hoog. Neem zijn rentree in het Hero World Challenge. Een degelijke week waar hij als negende eindigde in een veld van achttien spelers. Al na één ronde gebeurde er iets op de wedkantoren. Zijn kansen om The Masters te winnen was volgens de bookmakers direct 33 tegen 1, dezelfde quotering als Stenson, Mickelson en Casey achter hun naam kregen. En dat alles op basis van één rondje van achttien holes. Enkele weken later, zonder ook nog maar een competitieve bal geslagen te hebben stond hij zelfs 25/1; een betere quotering dan titelverdediger Sergio Garcia. De wens dat we de oude Woods te zien krijgen is zó groot, dat de verwachtingen tot onrealistische hoogtes worden opgestuwd. Aan de andere kant... het is wel Tiger waar we het over hebben. Als je veertien Majors wint, 79 toernooien op je naam schrijft, een U.S. Open wint op één been, en al twintig jaar de man bent waar iedereen naar kijkt, dan is het ook weer niet zó gek dat de verwachtingen extreem hooggespannen zijn.

The Roar is back

Gerelateerd nieuws