Bij elke chip, hoe makkelijk of moeilijk ook, is het eerste dat je moet bepalen de landingsplek van de bal. Dat kan je het beste doen door de slag te visualiseren; dit helpt je met het kiezen van de club die past bij de slag die je wilt uitvoeren en bij de balvlucht die daar bij hoort.
Kies als het even kan een plek op de green als doel, het kortere gras en de (meestal) vlakkere ondergrond maken het makkelijker om te voorspellen hoe de bal zal landen, stuiteren en naar de hole zal rollen.
Oefening baart kunst
Heb je voldoende ruimte naar de vlag, kies dan voor een lage balvlucht, dat is vrijwel altijd de betere, want veiliger, optie. Of je nu een ijzer 9 of 8 kiest, oefen deze slagen regelmatig met dezelfde club om vertrouwen en gevoel te krijgen.
Als er minder (lees: weinig) ruim zit tussen de hole en de plek waar de bal moet landen, dan is een wedge de betere club, en eigenlijk ook alleen dan: de kans op een getopte bal is vele malen groter dan de kans dat je de perfect chip slaat. Maar ook hiervoor geldt: oefenen baart kunst.