Waar waar dit jaar in ons land internationaal topgolf te zien is, komen de golfbanen van de tekentafel van Bruno Steensels. Van 4-7 juni was The International het decor van het Dutch Open, en de Goyer was het strijdtoneel voor het Dutch Ladies Open, van 19-21 juni. Eigenaar van The International, Marcel Welling, liet er destijds al geen onduidelijkheid over bestaan: op zijn aan te leggen baan moest in de toekomst het Dutch Open worden gespeeld. Op de Goyer was het niet per se onderdeel van de opdracht. Maar de prachtige golfbaan in Eemnes blijkt desalniettemin populair bij internationale vrouwelijke golfpro’s.
Klein
Toen Steensels het verzoek kreeg om in Eemnes een golfbaan te ontwerpen, fronste de Belg zijn wenkbrauwen: hij zou tekenruimte krijgen voor slechts 51 hectare. Hij vond dat te klein om creatief los te kunnen gaan en achttien holes in te passen. Daarom verzon hij, in navolging van Tom Poes, een list. Hij stelde de initiatiefnemer voor om er 5 hectare bij te kopen. ‘Daar situeren we dan de driving range en een paar korte holes, zodat die 51 hectare voor de achttien holes en het clubhuis beschikbaar zijn.’
Zo geschiedde. Ondanks de minder dan gewenste vierkante meters legde hij een golfbaan van statuur neer – al accepteerde Steensels daarna nooit meer een locatie die te klein is om architectonisch te kunnen excelleren. Maar in juni zal de Goyer wederom uitdagend genoeg zijn voor de internationale top. De dames professionals bedwingen de golfbaan graag. Ze spelen vanaf de gele tees en de greens zijn niet al te moeilijk, vindt Steensels. ‘Hole 9 en 10 zullen met grote regelmaat “gebirdied” worden. Erg mooi om naar te kijken.’
Voor The International geldt een ander verhaal. Hier ontstond een samenwerking tussen Steensels en Ian Woosnam, architect van signature golf courses. Er moesten dus internationale wedstrijden gehouden kunnen worden. Maar ook de leden, die veel geld zouden gaan betalen, moesten het hier altijd naar hun zin hebben. Onder toeziend oog van The Masters- en Ryder Cup-virtuoos ‘Woosie’ creëerde Steensels grote greens. Verschillende plateaus op de putting areas zorgen voor de uitdaging. Of, zoals Steensels het noemt: ‘Three putt country. Gaat dat allemaal zien in juni, beste golfliefhebbers!’
Bruno was 15 jaar jong (‘eigenlijk te oud’) toen hij samen met zijn ouders op Royal Limburg Golf in Houthalen begon met golfen. Een jaar later had hij al een single handicap. Hij wilde graag professional worden, maar zijn ouders lieten dat niet toe. Toen Steensels 19 was, kon zijn naam in ‘de beker’ worden gegraveerd: nationaal kampioen van België. In die tijd speelde hij ook geruime tijd in het nationale team: 36 holes op zaterdag, 36 holes op zondag. Coach voor de Belgische golffederatie John Bigwood (what’s in a name) was bevriend met golfbaanarchitect Joan Dudok van Heel en maakte samen met hem de optelsom voor Bruno: de vaardigheden van goede golfer en architect samenvoegen!
En zo begon hij stage te lopen bij de Nederlandse golfbaanarchitect. Daarnaast volgde hij in Groot-Brittannië de studie golf course architecture. Drie jaar lang was Steensels vooral bezig met het schrijven van scripties, zoals hij er zelf op terugblikt. Hij schreef over architecten, over greens, over tees, over bunkers, over grassoorten enzovoort.
Fan
Een van de architecten over wie hij schreef, was Tom Simpson. Hiermee ontstond zijn liefde voor deze flamboyante Britse ontwerper, die zijn bouwlocaties graag bezocht in een Rolls Royce. Ook droeg hij altijd een zilveren vlinderstrikje. In Nederland is hij minder bekend, omdat er bij ons geen banen van zijn hand zijn aangelegd. In België liggen er wel een paar (Royal Golf Club des Fagnes in Spa en Royal Golf Club Sart Tilman in Luik). Daarnaast was Simpson bij tientallen andere projecten betrokken in Europa.
Steensels is nog altijd fan van hem. ‘Simpson plaatste par 3’s in het terrein, waarna hij de routing bedacht. Ook had hij een typerende eigen stijl voor bunkers.’
Andere architecten van wie Steensels gecharmeerd is, zijn Tom Fazio en Harry Colt. Ook waardeert hij menig ontwerp van Robert Trent Jones, en noemt hij Gil Hanse. Deze heren bestuderend en uiteraard hun banen bezoekend en spelend, maakte Steensels mede tot wie hij nu vaktechnisch is.
Zijn leergierigheid richtte zich vooral op de natuur, hoe deze wordt gebruikt. Harry Colt gebruikte bijvoorbeeld bestaande glooiingen, heuvels om bunkers in te plaatsen. Greens werden in vorige eeuwen meer geonduleerd, spannender gemaakt met het idee van een stimp rate van 6 tot 7. Deze oude banen zijn inmiddels gerenoveerd: met het sneller maken van de greens moesten de grootste hobbels eruit.
Een renovatie die Steensels nooit vergeet, betrof een vijftal greens op Augusta National Golf Club. ‘Ik was daar op bezoek toen ze die klus twee, drie weken eerder hadden geklaard. Boven de greens hingen twaalf lampen die 24 uur per dag blauw licht (lees: daglicht) lieten schijnen. Geloof het of niet, maar op de dag dat ik ze bezocht, waren deze greens al net zo snel als alle andere. Tja, als budget geen rol speelt…’
Kamsalamander
Steensels beaamt wat andere architecten in deze rubriek ook al hebben gezegd. Vroeger kregen vakbroeders prachtige terreinen – heidevelden, bossen, duinen – toegewezen. Dat is natuurlijk een heerlijk begin: zonder budget achttien holes ontwerpen voor een locatie waarop niet veel grondverzet nodig is. Vandaag de dag is dat totaal anders. ‘Wij krijgen nu bij wijze van spreken de uithoeken, de afdankertjes, de vuilstorten, de vlakke weilanden. Onder financiële en tijdsdruk wordt onze creativiteit op de proef gesteld. Om nog maar te zwijgen over allerlei wet- en regelgeving die ons tegenwoordig aan banden legt.’
Als duidelijk voorbeeld noemt Steensels de renovatie van Golfclub De Haar. Hij vindt het ontegenzeggelijk het mooiste landgoed waar hij ooit mocht werken. Zestien jaar geduld werd opgebracht door enthousiaste ambitieuze leden van de golfvereniging uit Haarzuilen. Want o, wat moesten daar bruggen worden geslagen. Niet alleen Monumentenzorg maar ook ecologie-organisaties en vleermuizenbeschermers zorgden voor ‘omleidingen’. De ene natuurbehoeder wilde dat bepaalde bomen bleven, van de andere mochten inmiddels dode bomen vanwege vleermuizennesten niet wijken. Weer en ander bepaalde dat zichtlijnen richting het kasteel behouden moesten blijven. Steensels omschrijft het project zeker niet als onwerkbaar, maar hij heeft minstens zes keer het ontwerp moeten aanpassen. Ook gaandeweg de aanleg werd het werk wel eens stilgelegd. ‘Als het foerageergebied van de kamsalamander niet goed was afgezet, mochten we in die contreien niet verder.’
Bepaalde inperkingen en inmenging bij Kasteel de Haar leverde ook een minder fraai resultaat op. De twee holes die buiten de bossen treden, had de architect toch echt anders bedacht. Veel meer in de stijl van de andere holes op het landgoed. Maar op de tekentafel bedachte ondulaties dienden door ‘de groene rechter’ te worden afgevlakt. Toch overheerst de trots op het eindresultaat. En terecht. Wat een parel van een golfbaan. ‘Her en der nog steeds iets te smal, maar nu weet u als lezer waarom’, legt de ontwerper uit.
Drie pijlers
Als stokpaardje gebruikt Steensels bij het tekenen van een nieuwe golfbaan het volgende uitgangspunt: variatie. Geen enkele hole hetzelfde. Check bijvoorbeeld hole 5 en 6 op The International. Recht water aan de linkerzijde van beide holes, die in het verlengde van elkaar liggen, maar ze zijn totaal verschillend. Dat bedoelt hij dus.
De afwisseling die hij hanteert, wordt geleid door drie pijlers van de golfbaanarchitectuur. Strategic design staat voor keuzes maken. Een riskant schot kan voor een beloning in de vorm van een betere volgende slag zorgen. Heroic design: haal je voordeel uit een dappere slag (over water, over een bunker). Dat je bal een hindernis moet overbruggen zonder uitwijkmogelijkheid, is te danken aan penal design. Buiten de fairway hoge rough, waterpartijen, out of bounds. Steensels verwerkt met veel plezier al deze designvormen in zijn plan. Zodat je als golfer tijdens de ronde nooit denkt: hé, deze hole heb ik net toch al gespeeld?
Ook houdt hij rekening met de diverse speelsterktes. Steensels ontwerpt banen voor scratchspelers, maar ook voor bogey- en double bogey-spelers. De opmerking dat zijn golfbanen te moeilijk zijn, veegt hij dan ook resoluut van tafel.
Stokpaardje nummer 2 van Steensels: ‘Bogey-pelers moeten zich als zodanig gedragen. Een handicap 18-speler vindt dat hij (ja, het betreft vooral heren) alle holes in regulation moet spelen. Maar dat kan hij helemaal niet. Als je op deze offensieve wijze mijn banen speelt, verlies je het. Maar als je je als par+1-golfer gedraagt, leg je op die par 4 je tweede schot op de foregreen. Wat overblijft, zijn een chip en twee putts: bogey. Alstublieft!’
De geliefde architectuurstijl is de zogenoemde inland links. Steensels ontwerpt graag bredere holes die diverse strategieën mogelijk maken: bunkers en/of bomen dwingen de golfer tot het maken van keuzes. Voor deze zelfde golfer moet het vanaf de tee vooral aangenaam zijn. Smalle fairways leveren slecht golf op. Meer ruimte levert minder druk en meer plezier op. Alleen de strategie geeft druk. Maar bovenal: ‘Geniet van het uitzicht!’
In de pijplijn
Steensels vertelt dat hij kritisch blijft op zijn eigen werk. Door hogere leeftijd, ervaring en heel veel goede golfbanen te spelen, wordt men wijzer, zegt hij. Dus bij terugkomst op een al ouder project kan hij wel eens bedenkelijk kijken. Dat hij denkt: nou Bruno, hier ben je indertijd wellicht iets te ver gegaan. Maar dat vindt hij alleen maar goed, dat moet ook. Bovendien: voor wie is de baan toen ontworpen?
De golfbaan die onlangs negatief in het nieuws kwam – de baan gooit de handdoek in de ring vanwege financiële problemen – is Millennium Golf in Beringen, België. Steensels ontwierp de baan doelgericht, met het idee dat je een hele kerel/vrouw moest zijn om de fairwaybunkers uit het spel te kunnen houden met lengte. Toen werd er in 2019 een wedstrijd van de Challenge Tour gehouden. Tegenwoordig liggen bij de topgolfers de bunkers helemaal niet meer in het spel. De heren driven nu allemaal 280 meter, dus de carry over de bunkers was voor hen geen issue. Nogmaals: voor wie bouw je de baan?
Hoewel onze Belgische vriend niet het achterste van zijn tong laat zien, noemt hij toch enkele projecten die ‘in de pijplijn’ zitten. Of waar inmiddels voorbereidingen worden getroffen. Zo spreekt hij met trots over het lopende project Rotterdam. Langzaam maar zeker worden daar gegroepeerd holes geopend. Steensels benoemt de hole Blauw 4 als een van zijn all time parels. Een par 5, langs het water, fairway in tweeën gesplitst: ‘Wauw.’
Hij werkt ook in België, op Royal Bercuit Golf Club. De Woeste Kop in Zeeland wordt fasegewijs gerenoveerd. En hole 13 op Best Golf wordt er vele malen mooier op binnenkort. In Wassenaar vinden er bunkerrenovaties plaats op Groendael.
Soms worden er projecten afgeblazen waar al veel werk in is gaan zitten. Zo ook in Turkije. Steensels was vergevorderd in het tot in detail uitwerken van plannen voor een groot project. Maar andere investeerders kozen voor bebouwing in plaats van golf. Dat zijn teleurstellende zaken, waar je als ondernemer soms mee te maken krijgt. Een klus die wel doorgaat, ondanks alles, is de uitbreiding met negen holes op Golfclub De Palingbeek in Ieper, tegen de Franse grens. Dit was een stuk niemandsland waar de Eerste Wereldoorlog op z’n hevigst woedde. ‘Interessant om te vertellen,’ aldus Bruno, ‘is dat Europese wetgeving de aanleg van nieuwe holes toestaat. De eigenaar moet echter wel anderhalf miljoen euro investeren in het archeologische vooronderzoek. Bij opgravingen zijn ze dagelijks niet alleen loopgraven en tientallen bommen maar ook zeventien lijken tegengekomen. Van Duitsers, Fransen, Engelsen… Ge moakt wa mee, hè!’
Over de auteur en de architect
Bruno Steensels realiseerde in Nederland onder andere De Herkenbosche, Goyer Golf & Country Club, The International en Golfpark Groendael. Check voor al zijn (ruim negentig) projecten in Europa www.mastergolfinternational.com. Arnoud de Jager is al decennia werkzaam in de golfwereld. Zo was hij onder meer (hoofd-)greenkeeper, directeur van Golfsociëteit De Lage Vuursche en eigenaar van Golfbaan De Biltse Duinen. Tegenwoordig is hij algemeen directeur van Het Rijk Golfbanen. Over zijn (ruime) ervaring in de golfwereld schrijft hij regelmatig stukken op LinkedIn en Golfers Magazine.
Dit artikel van de hand van Arnoud de Jager was eerder te lezen in Golfers Magazine 4. Altijd alle verhalen lezen? Dat kan: ga nu naar de winkel of beter nog: sluit een abonnement af en ontvang hét golftijdschrift van Nederland en België vanaf volgende maand thuis. Tien keer per jaar, 132 pagina's met alles wat je over jouw sport wilt weten.