Two more years!
Two more years!
Two more years!
De confetti was in oktober 2023 nog niet eens neergedaald op het gras van Marco Simone, de spelers hadden de net gewonnen Ryder Cup nog maar nauwelijks in hun handen, of het succesvolle Europese twaalftal was al begonnen met de lobby om hun captain aan boord te houden. Zo tevreden waren ze over de manier waarop Luke Campbell Donald (7 december 1977) zijn rol had vervuld. Succesvol had vervuld.
Uniek zou het niet zijn, maar wel lang geleden dat een captain meer dan één termijn voor zijn rekening nam. Sinds Bernard Gallacher in de eerste helft van de jaren negentig van de vorige eeuw drie keer op rij aan het Europese roer stond, waren alle captains na hem er steeds voor één editie. Niet per se omdat ze niet competent of succesvol waren, maar omdat, zo meende ook Luke Donald, 'de rol van captain meer is dan een fulltime baan. Je kunt je als captain niet tegelijkertijd richten op jezelf en op het team.' Met andere woorden: wie de baan van captain aanvaardt, zet zijn eigen loopbaan als speler (even) op een lager pitje.
De in Hemel Hempstead geboren Engelsman zei dan ook niet direct ja toen zijn team zo enthousiast om een tweede termijn riep. Al erkende hij na zijn hernieuwde benoeming dat hij er ook weer niet heel lang over na had hoeven denken. 'Op het moment dat ik de trofee op Marco Simone omhooghield en de jongens hoorde roepen om nog twee jaar, dacht ik meteen dat ik ze eigenlijk niet in de steek wilde laten. Niet in de steek kón laten. Het is een zware en veeleisende functie, maar de cultuur die we in dat team hebben gecreëerd, het zien van de enorme saamhorigheid, en natuurlijk de overwinning, gaven enorm veel voldoening. Het is een eer om nog een stuk Ryder Cup-geschiedenis te mogen schrijven. De Ryder Cup vertegenwoordigt zoveel moois van de sport, ik heb er zoveel schitterende momenten meegemaakt, dat ik nauwelijks onder woorden kan brengen wat het voor me betekent om de jongens straks nog een keer mee te mogen nemen op deze reis.'
Motivatie
Dat Donald nauwelijks woorden kon vinden, past bij het beeld dat waarschijnlijk al snel bij je opkomt als je denkt aan de voormalig nummer 1 van de wereld. Luke Donald schreeuwt het niet van de daken. Rustig, bescheiden, ingetogen zijn logischer associaties. Niet omdat hij verlegen is, wel omdat hij een leven lang de schijnwerpers niet nadrukkelijk opzocht.
Bijna vanaf het moment dat de inmiddels 47-jarige 'halve Schot' (zijn vader is een geboren Schot, zijn moeder is Engels) als 7-jarige de clubs voor het eerst serieus oppakte, bleek hij niet alleen te beschikken over veel talent, maar ook over een groot arbeidsethos. 'Ik was dol op oefenen. Nog steeds. Ik wil altijd proberen me te verbeteren op de onderdelen waar ik minder sterk in ben, terwijl ik tegelijkertijd weet dat ik de onderdelen die me een goede speler hebben gemaakt niet moet negeren', zei hij daar enkele jaren geleden over. 'Mijn vader leerde me veel over de sport en zei altijd dat ik me niet moest laten beperken door wat anderen als mijn grens zagen.'
Die instelling legde hem geen windeieren. Al op zijn 15de mocht hij zich voor het eerst clubkampioen noemen en eveneens nog in zijn tienerjaren vertegenwoordigde hij zijn land onder meer in de Eisenhower Trophy, de Arnold Palmer Cup, de Jacques Leglise Trophy en de Walker Cup. Dat hij met zijn prestaties de aandacht van Amerikaanse colleges trok, wekte dan ook geen verbazing. Wat wel verbazing wekte, was dat hij weliswaar werd toegelaten tot het golfprogramma van het prestigieuze Stanford, maar uiteindelijk niet tot het universitaire programma. Een aanvankelijk toegezegde beurs werd ingetrokken omdat de universiteit zich zorgen zei te maken over zijn cijfers. Maar volgens diverse bronnen, onder wie Donald zelf, hadden ze vooral ook een andere speler op het oog. 'Ik heb die afwijzing als brandstof voor mijn loopbaan gebruikt', zei Donald ooit. 'Ik heb de speler die ze boven mij verkozen zelfs wel eens bedankt in een toespraak. Hij wist er niets van, maar het was voor mij een enorme motivatie om altijd alles uit de kast te halen.'
Mentaliteit
Na zijn afwijzing sloot de Engelsman zich aan bij de Northwestern University. De beleidsmakers op Stanford zullen al snel spijt hebben gehad van hun beslissing. Dat mag je tenminste aannemen als een speler zelfs de scores van Tiger Woods uit de boeken speelt. En dat met een spel dat ook rond de eeuwwisseling korter dan gemiddeld was. 'Ik weet nog goed dat ik in mijn eerste jaar op de universiteit apart werd genomen door mijn coach. “Je speelt straks tegen een jongen die de bal ongelooflijk ver slaat. Laat je er niet door van de wijs brengen en speel je eigen spel”, zei hij. Natuurlijk liet ik me er wel door van de wijs brengen. Wat wil je: hij sloeg wedges naar de green terwijl ik met een ijzer 4 in mijn handen stond. Ik voelde me zó ongemakkelijk dat ik na de ronde direct naar de driving range ging om de bal zo hard en zo ver mogelijk te slaan. Kansloos. Tot op de dag van vandaag word ik er door de meeste spelers uitgeslagen. Maar ik leerde dat ik moest spelen naar mijn mogelijkheden, en me alleen druk moest maken om de dingen die ik kan controleren. Die mentaliteit heeft me uiteindelijk naar de nummer 1-positie van de wereld gebracht.'
Morgen deel 2: Op naar een succesvolle titelprolongatie
Het gehele artikel was eerder te lezen in Golfers Magazine 7. Het hele nummer lezen? Dat kan: ga nu naar de winkel en lees ook alle andere verhalen. Of beter nog: sluit een abonnement af en ontvang hét golftijdschrift van Nederland en België vanaf volgende maand thuis. Tien keer per jaar, 132 pagina's met alles wat je over jouw sport wilt weten.
- Golffile