Lee Westwood: 'Ik voel me oud maar ook trots'

Met zijn overwinning in het Abu Dhabi HSBC Championship begin dit jaar werd Lee Westwood de enige actieve speler die in vier decennia heeft gewonnen. Tijd voor een gesprek met deze golfveteraan.
Interview Lee Westwood

Een overwinning op je 46ste, twee jaar na je laatste titel. Dat moet goed voelen?
'Heel goed. Ik voelde me de hele week goed, maar ik wilde dat niet hardop zeggen. Ik wilde gewoon rustig kijken hoe het zich ging ontwikkelen. Maar ik sloeg de val lekker en was heel tevreden over mijn putten. Ik heb hard met mijn puttcoach Phil Kenyon gewekt en met Ben Davis voor het psychologische aspect, maar ik voelde me heel rustig op de greens en sloeg veel goede putts. Dat was de sleutel om te winnen. Om een toernooi te winnen, moet je altijd goed putten, maar vooral hier in de woestijn omdat de greens zo goed zijn en je weet dat iedereen een hoop putts gaat maken.'

Je bent de enige nog actieve speler met overwinningen in vier decennia. Voelt dat goed of voel je je oud?
'Haha, het voelt goed, eerlijk gezegd. Ik voel me wel heel oud als iemand me hierop wijst, maar ik ben er ook heel trots op dat ik voor iedereen nieuwe doelen heb gesteld. Daar gaat het om in de sport, toch? Ik begrijp dat ik na Smyth en McNulty pas de derde speler op de Europese Tour ben die dit is gelukt. Maar ja, ik zit al een hele tijd op de tour, dit is mijn 28ste seizoen. Het geeft aan dat ik al heel lang op dit niveau speel en dat is iets heel moeilijks om te bereiken in de sport. En natuurlijk wil ik er nog wel een paar overwinningen bij.'

Wat is de sleutel tot zo lang op zo'n hoog niveau presteren?
'Je moet toegewijd zijn en je moet van je sport houden. En je moet houden van oefenen, want er is geen korte route. Het is gewoon hard werken. Wil je 's middags de drivingrange inruilen voor een duik in het zwembad en een biertje? (Hij schud zijn hoofd)... niet doen, blijf nog een uurtje ballen slaan. Een paar jaar terug stonden Tiger, ik en Vijay als laatste op de drivingrange en het was geen toeval dat de beste spelers de hardste werkers zijn.'

Je hebt het de laatste jaren vaak over de wil om de competitie aan te gaan. Hoe komt het dat die er nog steeds is?
'Ik heb met Ben Davis hard gewerkt aan het psychologische deel van golf en daardoor besef ik beter dat ik mijn brood mag verdienen met het spel waarvan ik hou. En dat ik daarvan moet genieten. Soms kom je op een punt dat je er niet genoeg plezier in hebt, maar we moeten beseffen hoe gezegend we zijn om te doen wat we doen – heel veel mensen hebben een stuk minder geluk. Een onderdeel daarvan is de goede tijden leren appreciëren. In 1998 won ik volgens mij acht toernooien in een jaar, en in 2000 won ik er acht en in 1999 zeven of zoiets. Ze kwamen langs als taxi's en ik denk dat ik het niet genoeg apprecieerde. Ik werkte heel hard, maar winnen ging makkelijk. Ik was jong en ging mee in het momentum. Nu geniet ik er meer van, net als van het harde werk dat er voor nodig is.'

Met deze overwinning kom je de top dertig van de wereld weer binnen, zodat je de Majors en WGC's weer kunt spelen. Zelfs de Ryder Cup komt weer in zicht. Denk je daaraan?
'Ja, natuurlijk. Het is niet alleen een ambitie, het is weer een reële optie dat ik dit Ryder Cup-team kan halen. Eerlijk gezegd dacht ik dat mijn dagen als Ryder Cup-speler voorbij waren. Ik heb er tien gespeeld en dit kan de elfde worden. Ik heb mezelf in-contention gespeeld en bekijk het nu week voor week. Ik zou het geweldig vinden om nog een Ryder Cup te spelen, zolang ik goed genoeg ben. Ik zou niet gekozen willen worden, maar als ik me zou plaatsen, zou ik zeker spelen. Maar de plaatsing voor het team kun je niet controleren. Je kunt alleen beïnvloeden wat je een bepaalde week doet. Als je wint, verzamel je veel punten en stijg je op de lijst. Ik blijf proberen de kleine dingen goed te doen en dat leidt tot de grote dingen, zoals je kwalificeren voor het Ryder Cup-team.
Ik ga niet meer spelen of zo. Ik ga mijn normale schema spelen en kijken waar het toe leidt. Maar ik speel weer in de grote toernooien, de World Golf Championships en de Majors. Maar ik ga niet heel veel meer spelen dan 24 of 25 keer per jaar. Dat is voor mijn gevoel de beste manier om zo goed mogelijk voorbereid aan de start van een toernooi te verschijnen. De tijden dat ik er dertig of veertig kon spelen, zijn voorbij. Ik ben 47 en dat trek ik fysiek en mentaal niet meer.'

Laatste nieuws